Algemeen

Software ontwikkelaar AFAS realiseert een nieuw kantoorgebouw in Leusden. Het is niet zo maar een kantoorgebouw, maar een experience center. Dit houdt in dat er ook ruimte is voor sport, opleiding, studio’s, theater en auditoria. AFAS wil hiermee een beleving creëren voor zowel de klant, de medewerker als de bezoeker. Alles moet met elkaar geïntegreerd zijn, net als de door hen ontwikkelde software. Het complex dient in 2020 opgeleverd te worden.

AFAS_P1

Installaties, flexibiliteit en duurzaamheid

AFAS wil het experience center toekomstbestendig ontwikkelen, wat betekent  dat het gebouw zo optimaal mogelijk duurzaam ontwikkeld moet worden.

Om deze doelstelling te bereiken, hebben we in ons ontwerp rekening gehouden met enige items:

  • Zo goed als energieneutraal
  • Smart Building principes
  • Drielaags glas
  • Zonnepanelen
  • Klimaatplafonds en waar noodzakelijk vloerverwarming
  • Seizoensopslag van warmte en koude in de bodem warmtewisselaars, warmtepompen etc.
  • Thermisch comfort en kwaliteit
  • Luchtverversing
  • Vuilverwerking, perscontainers en afvoer
  • Beveiliging (veiligheid en risico inperking)
  • Brandveiligheid
  • Transportvoorzieningen
  • Ledverlichting
  • Glasvezel tot aan het bureau

Het totale ontwerp is in 3D uitgewerkt.

Uitgangspunt voor de opzet van de technische installaties is dat een efficiënte exploitatie kan worden gerealiseerd tegen minimale kosten en duurzaam/energie efficiënt. Een efficiënte exploitatie betekent in ieder geval dat:

  • Hoeveelheid installaties en de complexiteit van het ontwerp zo beperkt mogelijk worden gehouden;
  • Storing, onderhoud en vervanging aan en van gebouwgebonden installaties een zo klein mogelijk effect hebben op de bedrijfsvoering (in sommige gevallen zelfs geen effect);
  • Onderhoud en vervanging van gebouwgebonden installaties efficiënt kan plaatsvinden (bereikbaarheid en veiligheid);
  • Leidingnetten beperkt en geoptimaliseerd van omvang zijn.

De gebouwinstallaties worden verder duurzaam uitgevoerd en de som van de investerings- en exploitatiekosten zijn om deze reden over de levensduur van de gebouwinstallatie-onderdelen zo laag mogelijk.

De benodigde warmte en koude wordt opgewekt in een opslagsysteem in de bodem (seizoenopslag) in combinatie met warmtepompen en gasgestookte ketels voor de pieklevering. Voor de klimatisering van de verschillende ruimten wordt in basis gebruik gemaakt van de ventilatielucht. In de kantoor-, demonstratie- en opleidingsruimten is de hoeveelheid ventilatielucht te laag voor de klimatisering, maar ruim voldoende voor de aanwezige personen, en wordt aanvullend voorzien in de plafondverwarming en –koeling. De ruimten met veel glas in de gevel(s) en/of dak worden aanvullend voorzien van vloerverwarming en -koeling.

Vanwege de vorm van het gebouw, en dus de ruimten, is het esthetische verlaagde plafond met lamellen in de kantoor-, demonstratie en opleidingsruimten losgekoppeld van het klimaatplafond. Dit laatste plafond wordt uitgevoerd als strekmetalen (zowel goede convectieve als stralings-warmteoverdracht) eilanden. Ook de luchttoevoer vindt plaats boven het verlaagde plafond.

De verlichting, de sprinklerkoppen en de detectoren worden geplaatst in technische stroken, die geïntegreerd worden in het lamellen plafond.

In de kantoor-, demonstratie- en opleidingsruimten is rekening gehouden dat de indeling in de toekomst kan wijzigen en om deze reden worden de ‘wanden’ voor de maximale verkaveling al gerealiseerd boven het lamellen plafond en de technische installaties hierop voorbereid.

Vanwege de vrijheid van indeling wordt het gebouw voorzien van een sprinklerinstallatie en op deze wijze wordt een gelijkwaardigheid verkregen voor de anders geldende eisen voor de maximale grootte van brandcompartimenten.

Voor de elektrotechnische installaties is het complex opgedeeld in twee kavels met elk hun eigen aansluiting op het openbaar net voor elektrische energie:

  • Kantoren, Experience, Restaurants, keukens, parkeergarage en warmte/koudcentrale
  • Theater

AFAS_P

Om de energieverliezen te beperken in de voedingsleidingen worden in het complex diverse transformatoren geplaatst voor de verschillende functies.

Bij uitval van het openbare net of onderhoud aan één van de transformatoren kan een gedeelte van de installatie gevoed worden via een centraal opgesteld noodstroomaggregaat.

De verlichting wordt uitgevoerd met LED als lichtbron en worden geschakeld via detector (aan- of afwezigheid) en een app op de computer, telefoon en tablet.

Voor het transport van data wordt voorzien in een glasvezelnetwerk tot en met de werk- en studieplekken in het gebouw, maar ook in LoRa-netwerk. Dit laatste netwerk wordt gebruik voor het transport van data afkomstig van allerlei zelfstandig functionerende opnemers en detectoren.

Voor de eigen opwekking van elektriciteit worden op de daken PV-panelen geplaatst.